Pepijn van der Gulden, journalist. Meer info

Politicoloog en socioloog, werkt bij Quest. Dat blad vol weetjes.

Denkt, draalt, dwaalt, zo nu en dan ook in tekstvorm – serieus of licht.
Dit is mijn archief. (vroeger was alles beter, maar ik niet)

Mail meStalk me


Nieuws, columns, analyses, gebbetjes

Inhoudsopgave

Navigeer met pijltjestoetsen


Dit stuk is geplaatst op
24/10/2014 om 15:00

Delen delen delen!

Koude kermis

Weinig plekken brengen grotere treurnis dan de kermis, hoe leuk het woord ook klinkt. Ker~mis. De overdaad aan goedkoop vermaak, knipperende lichtjes en schreeuwende deuntjes, die alleen als kermismuziek omschreven kunnen worden, maken het een risicogebied voor neerslachtige mensen en een regelrechte moordkuil voor zielen in een gevorderd stadium van depressiviteit. Het reuzenrad moeten zij zeker mijden.

Toch weersta ik de kermisdrang slecht. Ik koester te veel positieve herinneringen. Aan het vangen van plastic eendjes met een gammel hengeltje. Aan vette oliebollen met krenten en klonterige poedersuiker. Aan een weg banen door de onoverzichtelijke menigte, geleid door grootmoeders hand. Mijn afgelikte, plakkerige vingers verstrengeld met haar standvastige knokkels.

Niets is echter desastreuzer voor jeugdherinneringen dan terugkeren naar de locatie waar ze tot stand kwamen. En dat is precies wat ik op een koude, druilerige oktoberavond besluit te doen. In eerste instantie valt het best mee. Waar de wereld in steeds sneller tempo schijnt te veranderen, houdt de kermis krampachtig vast aan het verleden. Nog altijd draait het om het winnen of eten van rotzooi en om zo snel mogelijk misselijk worden. Om met grijper, hengel of geweer een waardeloze knuffel te bemachtigen, om jezelf vol te stouwen met suikerspin, oliebol en poffertjes, en die al draaiend, rollend of vliegend in een kuipje ternauwernood binnen te houden. Een op het oog onverwoestbare succesformule die toch zijn beste tijd gehad heeft.

Een curieus misbaksel binnen dit geheel vormt het spiegelpaleis. Daar kun je noch prullaria winnen noch maaginhoud verkrijgen of kwijtraken. Maar het is toch erg kermis en dus betreed ik de attractie. Ik tref een leeg spiegelpaleis, enkel bevolkt door een norse spiegelpaleishouder, wat de unieke sfeer van de kermis slechts ten goede komt. Vanaf dan gaat het snel bergafwaarts.

De werkelijkheid kan bij lange na niet voldoen aan mijn jeugdherinneringen, vooral omdat de eerste nogal bleekjes is. Waar ik een grenzeloze vlakte van spiegels en glas in alle richtingen herinner, die slechts na eindeloze dwalingen, botsingen en verwarringen doortrokken is, als een moderne Odyssee, blijkt de achtermuur al na een stap of vijf bereikt. In het vervolg van mijn tocht zijn het keer op keer niet de glazen wanden waar ik tegenop bots, maar de realiteit die schraal afsteekt tegen mijn kinderbeelden. Los van het formaat van een kleine caravan, biedt het spiegelpaleis bitter weinig uitdaging in het ontwijken van bedriegende muren en het vinden van de juiste weg. Wie daadwerkelijk in botsing komt met een spiegel, kan als volgende attractie het best de opticien bezoeken.

De gehele speurtocht duurt met enige moeite tien minuten. Toch volgt nog een verrassing. Op de weg naar buiten wordt het zure gezicht van de eigenares aangevuld met dito lucht. Onaangenaam verrast door de weerkaatsing van het eigen aangezicht heeft iemand de spiegeling kennelijk met maagvocht bedekt. Dat klonterige residu is de enige aanwijzing dat dit spiegelbezoek een spannendere wending had kunnen nemen. Twee euro lichter het paleis van vervlogen dromen verlatend is duidelijk: vroeger was inderdaad alles beter.




Gefeliciteerd, u bent de eerste die deze site heeft uitgelezen! U wint een geheel verzorgde midweek Vlieland. Mail mij met als onderwerp 'Ik heb tijd over' om uw prijs te innen. (enkel geldig als u niet stiekem stukjes hebt overgeslagen!)